zondag 7 maart 2010
Een vraagje aan de kinderen uit Apeldoorn
Jullie vroegen jullie af welke planeten er allemaal bestaan. In het berichtje hieronder hebben we voor jullie alle planeten opgesomd. Nu lijkt het ons een hele klus om al die namen van planeten, en hoe ze eruit zien, te blijven onthouden. Het beste wat je kan doen om de planeten te leren kennen is ze MAKEN of NATEKENEN. Foto's kan je vinden in boeken en op de computer.

Je kan bijvoorbeeld hele mooie planeten maken door ballonnen te beplakken met papier marché Zodra die droog genoeg zijn kan je ze beschilderen.
Je kan zo hele mooie planeten maken, maar nu lijkt ons dat toch een hele grote klus waarmee je een hele tijd zoet bent..
Wij vroegen ons dus af of jullie zelf nog andere manieren kunnen bedenken om de 8 namen van de planeten te blijven onthouden?
Een lied maken? Met een toneelstukje:de mooie Venus die wil trouwen met de ijsreus Uranus maar wordt gedwarsboomd door Mercurius? Laten jullie ons jullie fantastische, nieuwe, andere ideeën weten? Mail ons door te klikken op deze link: klik HIER

Hoe je planeten maakt met papier marché kan je zien op deze site: klik HIER

Dit is de planeet Aarde, gemaakt in de klas van Juf Natalie van De Vlieger.

Je kan bijvoorbeeld hele mooie planeten maken door ballonnen te beplakken met papier marché Zodra die droog genoeg zijn kan je ze beschilderen.
Je kan zo hele mooie planeten maken, maar nu lijkt ons dat toch een hele grote klus waarmee je een hele tijd zoet bent..
Wij vroegen ons dus af of jullie zelf nog andere manieren kunnen bedenken om de 8 namen van de planeten te blijven onthouden?
Een lied maken? Met een toneelstukje:de mooie Venus die wil trouwen met de ijsreus Uranus maar wordt gedwarsboomd door Mercurius? Laten jullie ons jullie fantastische, nieuwe, andere ideeën weten? Mail ons door te klikken op deze link: klik HIER

Hoe je planeten maakt met papier marché kan je zien op deze site: klik HIER

Dit is de planeet Aarde, gemaakt in de klas van Juf Natalie van De Vlieger.
Voor de kinderen uit Apeldoorn (deel 2)
De kinderen van juf Swaniek uit Apeldoorn willen ook graag weten welke planeten er allemaal bestaan.
Laten we eerst iets zeggen over het ZONNESTELSEL.
Met het zonnestelsel bedoelen wij de zon en alle objecten die rond de zon draaien.

De zon is een ster. Het is de ster die het dichtst bij de aarde staat. Alle andere sterren die je kan zien, staan verder weg. Sterren zien we als kleine stipjes, heel ver weg.
De zon is heel groot. Daarom heeft ze ook zoveel zwaartekracht en draaien er allerlei objecten in een baan rond de zon.
Dankzij satellieten die astronomen in de ruimte hebben gebracht, kwamen we te weten dat er 8 planeten rond de zon draaien. Met het blote oog, of met sterrenkijkers kan je behalve de aarde nog 5 andere planeten waarnemen. Maar dankzij de satellieten kunnen beelden naar de aarde worden gestuurd en kunnen we dus de ruimte verder verkennen.
Misschien zijn er ergens ver weg in de ruimte wel meer planeten die misschien rond een andere ster draaien, maar tot nog toe weten we daar weinig van. We houden het dus voorlopig bij de acht planeten die, elk in een eigen baan, de zon draaien.
Rond sommige planeten draaien manen. De aarde heeft ook een maan. De maan van de aarde noemen we gewoon "Maan", maar er zijn ook planeten die meer manen hebben. Rond de planeet Jupiter bijvoorbeeld draaien er veel meer. Die hebben namen als "Io" en "Europa" of "Thebe".
Onze maan is dus geen planeet. Het is een maan.
Hieronder zetten we alle acht planeten op een rij. Elke planeet heeft een naam gekregen.
Tussen de zon en de aarde in, draaien twee planeten: Mercurius en Venus

Mercurius is de planeet die het dichtst bij de zon staat. Mercurius is ook de kleinste planeet.

Venus. Vanaf de aarde gezien is Venus na de zon en de maan, het meest heldere object aan de hemel. Venus is vanaf de aarde alleen maar zichtbaar van 1/2 tot 4 uur na zonsondergang of voor zonsopgang. Daarom wordt Venus ook wel morgenster of avondster genoemd. Een beetje verwarrend want Venus is geen ster maar een planeet.

Aarde
De aarde is dus de derde planeet, vanaf de zon. Mercurius en Venus noemen we binnenplaneten omdat ze draaien in banen rond de zon, maar tussen de zon en de aarde in.
De andere planeten noemen we buitenplaneten.

Als we vanaf de aarde verder weg reizen van de zon, komen we eerst bij Mars. Mars is ook de planeet die het dichtst bij de aarde staat. Op Mars rijden kleine wagentjes rond die vanaf de aarde naar Mars werden gestuurd. Misschien komt er nog wel een dag waarop ook een mens op Mars landt.
Verder weg van Mars draaien een heleboel asteroïden in een gordel rond de zon. Dit noemen we de asteroïdengordel.
De planeten tussen de asteroïdengordel en de zon zijn rotsplaneten. Als je even geen rekening houdt met de hitte of de koude, zou je kunnen zeggen dat je op die planeten zou kunnen staan. Dat zijn dus Mercurius, Venus, Aarde en Mars.
Verder weg van de zon, verder dan de asteroïdengordel kennen we nog vier andere planeten.
Dat zijn de reuzeplaneten, het zijn gasplaneten, daarop zou je nooit kunnen landen.
Deze vier planeten zijn:

Jupiter is de allergrootste planeet in ons zonnestelsel. Jupiter herken je aan de stormvlek.

Saturnus herkennen we aan haar scheve ring. Men gaat ervan uit dat er een heel groot object tegen die ring is gebotst waardoor die scheef is komen te staan. Omdat Saturnus zo snel draait zijn de polen wat platter. Saturnus is de lichtste planeet. Lichter dan water in elk geval. Indien we een bak zouden hebben waar Saturnus in past, dan zou die blijven drijven.

Uranus is een grote ijsreus die nog maar zo'n 300 jaar geleden werd ontdekt. Met het blote oog kan je Uranus niet zien. Met een verrekijker, enkel als je heel precies weet waar je moet zoeken. Met de sterrenkijker zie je een groenachtig schijfje. Uranus is de eerste planeet die ontdekt is, dankzij de ontdekking van de telescoop. Zo'n 15 jaar geleden ontdekte men met hulp van een telescoop die in de ruimte hangt, een satelliet dus, dat Uranus, niet één maar twee ringen heeft.

En de laatste planeet die het verst van de zon is verwijderd is Neptunus. Ook Neptunus werd ontdekt met een telescoop. We kunnen Neptunus maar zelden waarnemen want Neptunus heeft 165 aardjaren nodig om een rondje rond de zon te draaien! Neptunus werd zo'n 164 jaar geleden ontdekt. Dat betekent dat we de planeet zullen kunnen zien in 2011. Dat is dus niet zo lang meer!
Astronomen hebben besloten dat Pluto geen echte planeet, maar een dwergplaneet is. Hij hoort dus niet meer thuis in het rijtje van de echte planeten.
In het filmpje hieronder worden ze nog eens allemaal opgesomd.
Laten we eerst iets zeggen over het ZONNESTELSEL.
Met het zonnestelsel bedoelen wij de zon en alle objecten die rond de zon draaien.

De zon is een ster. Het is de ster die het dichtst bij de aarde staat. Alle andere sterren die je kan zien, staan verder weg. Sterren zien we als kleine stipjes, heel ver weg.
De zon is heel groot. Daarom heeft ze ook zoveel zwaartekracht en draaien er allerlei objecten in een baan rond de zon.
Dankzij satellieten die astronomen in de ruimte hebben gebracht, kwamen we te weten dat er 8 planeten rond de zon draaien. Met het blote oog, of met sterrenkijkers kan je behalve de aarde nog 5 andere planeten waarnemen. Maar dankzij de satellieten kunnen beelden naar de aarde worden gestuurd en kunnen we dus de ruimte verder verkennen.
Misschien zijn er ergens ver weg in de ruimte wel meer planeten die misschien rond een andere ster draaien, maar tot nog toe weten we daar weinig van. We houden het dus voorlopig bij de acht planeten die, elk in een eigen baan, de zon draaien.
Rond sommige planeten draaien manen. De aarde heeft ook een maan. De maan van de aarde noemen we gewoon "Maan", maar er zijn ook planeten die meer manen hebben. Rond de planeet Jupiter bijvoorbeeld draaien er veel meer. Die hebben namen als "Io" en "Europa" of "Thebe".
Onze maan is dus geen planeet. Het is een maan.
Hieronder zetten we alle acht planeten op een rij. Elke planeet heeft een naam gekregen.
Tussen de zon en de aarde in, draaien twee planeten: Mercurius en Venus

Mercurius is de planeet die het dichtst bij de zon staat. Mercurius is ook de kleinste planeet.

Venus. Vanaf de aarde gezien is Venus na de zon en de maan, het meest heldere object aan de hemel. Venus is vanaf de aarde alleen maar zichtbaar van 1/2 tot 4 uur na zonsondergang of voor zonsopgang. Daarom wordt Venus ook wel morgenster of avondster genoemd. Een beetje verwarrend want Venus is geen ster maar een planeet.

Aarde
De aarde is dus de derde planeet, vanaf de zon. Mercurius en Venus noemen we binnenplaneten omdat ze draaien in banen rond de zon, maar tussen de zon en de aarde in.
De andere planeten noemen we buitenplaneten.

Als we vanaf de aarde verder weg reizen van de zon, komen we eerst bij Mars. Mars is ook de planeet die het dichtst bij de aarde staat. Op Mars rijden kleine wagentjes rond die vanaf de aarde naar Mars werden gestuurd. Misschien komt er nog wel een dag waarop ook een mens op Mars landt.
Verder weg van Mars draaien een heleboel asteroïden in een gordel rond de zon. Dit noemen we de asteroïdengordel.
De planeten tussen de asteroïdengordel en de zon zijn rotsplaneten. Als je even geen rekening houdt met de hitte of de koude, zou je kunnen zeggen dat je op die planeten zou kunnen staan. Dat zijn dus Mercurius, Venus, Aarde en Mars.
Verder weg van de zon, verder dan de asteroïdengordel kennen we nog vier andere planeten.
Dat zijn de reuzeplaneten, het zijn gasplaneten, daarop zou je nooit kunnen landen.
Deze vier planeten zijn:

Jupiter is de allergrootste planeet in ons zonnestelsel. Jupiter herken je aan de stormvlek.

Saturnus herkennen we aan haar scheve ring. Men gaat ervan uit dat er een heel groot object tegen die ring is gebotst waardoor die scheef is komen te staan. Omdat Saturnus zo snel draait zijn de polen wat platter. Saturnus is de lichtste planeet. Lichter dan water in elk geval. Indien we een bak zouden hebben waar Saturnus in past, dan zou die blijven drijven.

Uranus is een grote ijsreus die nog maar zo'n 300 jaar geleden werd ontdekt. Met het blote oog kan je Uranus niet zien. Met een verrekijker, enkel als je heel precies weet waar je moet zoeken. Met de sterrenkijker zie je een groenachtig schijfje. Uranus is de eerste planeet die ontdekt is, dankzij de ontdekking van de telescoop. Zo'n 15 jaar geleden ontdekte men met hulp van een telescoop die in de ruimte hangt, een satelliet dus, dat Uranus, niet één maar twee ringen heeft.

En de laatste planeet die het verst van de zon is verwijderd is Neptunus. Ook Neptunus werd ontdekt met een telescoop. We kunnen Neptunus maar zelden waarnemen want Neptunus heeft 165 aardjaren nodig om een rondje rond de zon te draaien! Neptunus werd zo'n 164 jaar geleden ontdekt. Dat betekent dat we de planeet zullen kunnen zien in 2011. Dat is dus niet zo lang meer!
Astronomen hebben besloten dat Pluto geen echte planeet, maar een dwergplaneet is. Hij hoort dus niet meer thuis in het rijtje van de echte planeten.
In het filmpje hieronder worden ze nog eens allemaal opgesomd.
Voor de kinderen uit Apeldoorn (deel 1)
De kinderen uit Apeldoorn zagen in de klas een filmpje over de landing op de maan en willen weten hoe snel een raket kan vliegen, hoe een raket in de ruimte kan blijven, waar de maanlander zit tijdens de reis, hoe (of) de maanlander terugkomt in de raket en hoe de maanlander terugkeert naar de aarde.Omdat in deze klas een digitaal bord aanwezig is kunnen we de vragen beantwoorden met filmpjes en foto's. We schrijven deze tekst voor de juf.
Eerst moeten jullie weten wat ZWAARTEKRACHT is.
DOEN: neem voorwerpen in je handen en laat ze los. Voorwerpen vallen op de grond. Dat komt omdat die voorwerpen worden aangetrokken door de aarde. Zwaartekracht is een aantrekkingskracht. Met een experiment kunnen jullie zelf te weten komen wat je nodig hebt om voorwerpen in de lucht te gooien. Hoe hoog kan je voorwerpen gooien? Wanneer gaat een voorwerp het hoogst? In ons oma-spel leggen we dit uit aan de juf. Nu zullen we dit even privé mailen naar juf Swaniek.Een raket kan je niet omhoog gooien naar de maan. Om met een raket naar de maan te kunnen vliegen is er kracht nodig, om snelheid te kunnen maken. Die kan je bereiken met hele sterke motoren. Die motoren hebben ook heel veel brandstof nodig, want die brandstof gaat op als je ze gebruikt. Brandstof voor een auto kan je regelmatig eens bijtanken. Maar in de ruimte zijn geen brandstofpompen. Je moet alle brandstof die je nodig hebt meenemen naar de ruimte.
De aarde wordt beschermd door een laag errond. Die laag noemen we de atmosfeer. Om in de ruimte te geraken en aan de zwaartekracht te kunnen ontsnappen moet je dus door de atmosfeer of dampkring kunnen vliegen. De snelheid die nodig is om aan de aantrekkingskracht van de aarde te kunnen ontsnappen ligt rond de 40 000 km/uur. Zo snel kan een raket dus vliegen.Eenmaal je met de raket door die laag geraakt kom je ook los van de aantrekkingskracht van de aarde. Dat is ook het moment waarop alles wat los zit in een raket begint te zweven, het moment waarop je gewichtloos wordt. Zo blijft een raket dan ook in de ruimte zweven. Zonder motoren zou ook een raket eeuwig in de ruimte blijven, want in de ruimte is geen zwaartekracht. De zwaartekracht komt van de dingen IN de ruimte. Van de aarde bijvoorbeeld. Of van de maan. Hoe groter iets is, hoe groter de zwaartekracht.
Om zo snel mogelijk te kunnen vliegen is een raket onderverdeeld in stukken die je onderweg kan weggooien. Die stukken van de raket noemen we de trappen van de raket. In elk van die trappen zit brandstof. Telkens wanneer een deel van de brandstof op is wordt een trap van de raket gelost en vliegt de rest, telkens een stukje lichter geworden, verder.
De stukken van de raket die overblijven om de astronauten naar de maan te kunnen brengen zie je op deze foto: De apollo-capsule, onderverdeeld in drie stukken: de commandomodule, de dienstmodule en daaronder de maanlander. In dat stuk van de raket zitten dus de mensen die naar de maan reizen.

bron: Ontdek met Jo Briels. De planeten.
uitgeverij Averbode 1978
We vonden op het net een interactieve website. Op deze website zie je hoe alle stukken van de raket één voor één worden gelost tot alleen het bovenste deel overblijft.

Klik op deze link: http://wechoosethemoon.org/
De raket waarmee de eerste mensen naar de maan reisden was de Saturnus V. De raket had 3 trappen. Het bovenste deel is de Apollo-capsule. Deze stond dus boven op de neuskegel van de raket gemonteerd.
Telkens wanneer een trap werd gelost werd de raket lichter en kon ze dus ook meer snelheid maken. Van zodra de tweede trap was gelost kon de raket nog meer snelheid maken en kon ze ontsnappen aan de zwaartekracht van de aarde..
DOEN: probeer het zelf maar eens. Drie kinderen gaan op een mat zitten. Probeer met z'n allen de drie kinderen verder te trekken. Dan gaat één kind van de mat af en dan nog één.. Merk je dat als iets lichter wordt, je minder kracht nodig hebt om iets te verplaatsen?
Op de volgende tekening zie je het lossen van de verschillende trappen.
Eens in een baan om de aarde komen de commando-en dienstmodule los van de derde trap, draaien zich om, en pikken de maanmodule op uit de neus van de derde trap, daarna wordt de derde trap afgestoten.

bron: Ontdek met Jo Briels. De planeten.
uitgeverij Averbode 1978
Nadat de derde trap gelost was en de apollo- capsule alleen verder reisde duurde het nog twee dagen en een half voor het ruimtetuig in een baan om de maan arriveerde. Twee astronauten klommen in de maanmodule, haakten die los van het moederschip, de commandomodule en vlogen naar het maanoppervlak. De maanmodule kon met behulp van kleine raketjes zacht landen op het maanoppervlak.
... en dan terug naar de aarde
Om terug te keren klommen de astronauten terug in de maanmodule en ontstaken daar lanceerraketten. Het onderdeel van de maanlander bleef achter op de maan. Het bovenste deel met de astronauten zette koers naar het moederschip dat in een baan om de maan was blijven rondcirkelen. Om los te komen van de zwaartekracht van de maan was minder kracht en brandstof nodig omdat de maan veel kleiner is dan de aarde. Een hele grote raket zoals bij de heenreis was dus niet nodig. Daarenboven waren de verschillende trappen van de raket al afgestoten tijdens de heenreis. Terugkeren gebeurde dus niet meer met de raket. Enkel het moederschip met de dienstmodule en de commandomodule vatten de terugkeer aan.
Eénmaal de maanmodule het moederschip had bereikt werd ook de maanmodule afgeworpen. De motor van de dienstmodule zorgde voor de terugkeer naar de aarde. Eens in de greep van de aantrekkingskracht van de aarde werd ook de dienstmodule afgeworpen.
Zodra het laatste stukje, de commandomodule, opnieuw door de dampkring was geraakt gingen landingsparachutes open en kwamen de astronauten, in hun commandomodule, met een plons in de zee. En daar werden ze dan opgepikt door een schip. Einde van de maanreis !

foto: nasa
DOE-tips:
Maak zelf een Saturnus V - raket, met a
llerlei materiaal dat je kan vinden.Zoek op internet foto's van de raket. Een Saturnus-raket is heel hoog en smal. Ze is 100 meter hoog en heeft een doorsnede van 10 m. Op volgende link zie je de verschillende trappen van de raket: klik HIER

woensdag 3 maart 2010
Vragen van de kinderen uit Apeldoorn

De kinderen van groep 4 uit Apeldoorn hebben een heleboel vragen ! Juf Swaniek stuurde ons de vragen door.
We typen ze hier even over:
1. Hoe wordt een raket bestuurd?
2. Hoe kan een raket in de ruimte blijven?
3. Waar zit de maanlander tijdens de reis?
4. Hoe komt de maanlander weer terug in de raket?
5. Hoe hard kan een raket vliegen?
6. Hoe komen de astronauten weer terug op de aarde?
7. Wat zijn ruimtestations?
8. Hoe heten de planeten allemaal?
9. Wat is het zwarte gat?
10. Hoe ontstaan sterren en vallende sterren?
11. Is er leven op andere planeten?
We denken even na over een manier om dit uit te leggen.
We zagen op jullie website dat jullie een prachtig digitaal schoolbord hebben.. misschien kunnen we daar ook wel iets mee...
groetjes van het oma-team!
Labels:
basisschool De Ploeg,
testfase,
vragen van kinderen
Basisschool De Toekomst gaat ook de ruimte in!
De kinderen van de eerste graad van Basisschool De Toekomst uit Avelgem verdiepen zich vanaf volgende week, samen met zedenleermeester Simon Staelens in ruimte en ruimtevaart. We zijn benieuwd hoe Simon het aanpakt. Misschien willen de kinderen en hijzelf wel verslag uitbrengen op deze blog? We stuurden een uitnodiging.
maandag 1 maart 2010
Effe Apeldoorn bellen
In onze mailbox zit een mail uit Apeldoorn.
Volgende week starten kinderen van de basisschool De Ploeg uit Apeldoorn met een project "Techniek in de ruimte". Dat lijkt ons in elk geval een heel interessant onderwerp. Wat wij ons afvragen is: wat willen jullie weten? Wat willen jullie leren?
We zijn benieuwd naar jullie antwoord!
Abonneren op:
Posts (Atom)
